30 nov 2017

Emissie-inventaris 2015: dalende trend wordt bevestigd

  Na de nulmeting voor het jaar 2011 (in 2013) en de emissie-inventaris na 2 jaar, werd gisteren het rapport voor het jaar 2015 door studiebureau Futureproofed goedgekeurd in de gemeenteraad. De dalende trend wordt op de meeste vlakken bevestigd, de uitstoot op het vlak van mobiliteit blijft de grootste uitdaging.?  

Meten is weten

Mechelen Klimaatneutraal is op zich staande ambitie, maar het zit verweven binnen alle verwezenlijkingen van het stadsbestuur. De ambitie om de globale CO2-uitstoot terug te dringen is dan ook een bijzonder complex probleem, waarbij op verschillende fronten inspanningen geleverd moeten worden.

De nulmeting in 2013 over de cijfergegevens van het jaar 2011 geldt als referentie, om de 2 jaar wordt de uitstoot opnieuw gemeten. Op het dashboard van Mechelen Klimaatneutraal is de evolutie van de uitstoot bijna in realtime te volgen. Voor een volledig beeld van de uitstoot zijn uitgebreide analyses noodzakelijk met gegevens die niet onmiddellijk beschikbaar zijn. De uitgebreide emissie-inventarissen om de 2 jaar blijven dan ook een cruciaal middel om de evolutie van de CO2-uitstoot van de stad op te volgen.

 

Resultaten van de meting

In het kader van de Convenant of Mayors engageert de stad zich om tegen 2020 de CO2-uitstoot met 20% te doen zakken. Als we kijken naar het globale cijfer zien we dat de globale uitstoot van de stad voor 2015 afklokt op 460 kTon CO2. Dat is een daling van 6,4% ten opzichte van het referentiejaar 2011, een mooi resultaat gezien het feit dat onze stad zowel naar inwoners als naar het aantrekken van nieuwe bedrijven een sterke groei blijft kennen (tegenover de daling van 6,4% CO2-uitstoot, staat een stijging van 3% inwoners en 7% arbeidsplaatsen).

In het pad dat werd uitgetekend richting 2020, werd een daling met 8,9% vooropgesteld voor het jaar 2015. Deze daling wordt voorlopig niet gehaald, maar toch zijn er een aantal belangrijke bedenkingen te maken bij dit verschil:

  • Het gebruik van graaddagen: een systeem om de verschillen tussen koude en warme jaren wat uit te vlakken om vergelijking mogelijk te maken. Dit systeem houdt rekening met het gemiddelde van de voorbij 30 jaar, waardoor dit niet helemaal aansluit bij de realiteit dat heel wat van de voorbije jaren tot de warmste sinds het begin van de metingen horen. Als een gevolg van de berekening die hiermee samenhangt worden koude jaren (zoals 2013) lichtjes bevoordeeld en warme jaren (zoals 2015) lichtjes benadeeld.
  • De emissiefactor elektriciteit: de verbruikte hoeveelheid elektriciteit wordt vertaald naar CO2-uitstoot door dit te verrekenen met de gemiddelde uitstoot  per kWh voor de in België verbruikte stroom. De laatste jaren is deze sterk gestegen (met 17% sinds 2011), waardoor de totale CO2-uitstoot minder daalt dan de verbruikte hoeveelheid elektriciteit zelf (en zonder dat de stad of haar inwoners daar een directe impact op hebben).

Wanneer de emissiefactor constant gehouden wordt, krijgen we heel andere cijfers voor de huishoudens, tertiair en industrie (zie grafieken hieronder); waardoor we dan ook globaal gezien op koers zouden zitten (-10% t.o.v. 2011).

  • Mobiliteit

De CO2-uitstoot ten gevolge van mobiliteit blijft de moeilijkste factor om aan te pakken. Dit is uiteraard ook een vrij complex probleem, maar ook hier is de impact van maatregelen op de hoeveelheid berekende uitstoot niet altijd direct. Voor deze berekening wordt een verkeersmodel gebruikt dat een inschatting probeert te maken van de totale hoeveelheid bewegingen en de gemiddelde uitstoten die daarmee gepaard gaan. Tegenover een algemene stijging van 8% voor mobiliteit, laten de stadsdiensten zelf wél een significante daling van 10,5% optekenen.



Vergelijking met Vlaanderen

Wanneer de gevens met de rest van Vlaanderen bekeken worden, blijft hetzelfde beeld overeind: goede scores voor de huishoudens, tertiair en industrie, mobiliteit blijft wat achterop hinken. Het gaat hier om niet-graadgecorrigeerde gegevens die qua evolutie aan CO2-uitstoot voor de periode 2011-2015 volgende resultaten opleveren: Huishoudens: +1,3% (Vlaanderen) versus -8,0% (Mechelen); Handel en diensten: +16,2% (Vlaanderen) en +0,9% (Mechelen); Verkeer: +2,3% (Vlaanderen) en +7,7% (Mechelen); Industrie: +3,8 (Vlaanderen) en ?2,6% (Mechelen)


Conclusie

Schepen Marina De Bie (klimaat en energie) legt uit: "Ik denk niet dat ik iemand moet overtuigen van het feit dat we er nog niet zijn: het probleem van de klimaatverandering is bijzonder complex, de uitdaging is zeer groot. Toch ben ik voorzichtig tevreden met de trend die we sinds de nulmeting voor 2011 zien. De opvallende daling voor de huishoudens wordt bevestigd (- 14% sinds 2011), wat - zeker gezien de stijgende bevolking - een stevige boost is voor de acties van Mechelen Klimaatneutraal die toch vooral op dat segment gericht zijn. Ook het feit dat we globaal gezien op koers zitten om 20% reductie te realiseren in 2020, als we de verandering in CO2-uitstoot per kWh geproduceerde elektriciteit buiten beschouwing laten, is een goed signaal.

Het feit dat er nog werk aan de winkel is op het vlak van mobiliteit, is voor mij als bevoegd schepen natuurlijk een belangrijk aandachtspunt. Hoewel ook dit een problematiek is die onze stad overschrijdt, sterkt dit mij in de gedachte dat we absoluut verder op de ingeslagen weg moeten gaan: niet alleen door de uitstoot per wagen terug te dringen (door o.a. het promoten van de elektrische wagen), maar vooral door het aantal gereden kilometers naar beneden te brengen. De vervoersvraag blijft steeds stijgen, dé uitdaging is dus om deze te beantwoorden op een zo duurzaam mogelijke manier. We moeten daarvoor de randvoorwaarden creëren die iedereen de mogelijkheid bieden om voor de eigen behoeften een duurzame mobiliteitsmix samen te stellen. Een modern en performant openbaar vervoer is daar een belangrijke pijler van, maar ook het versterken van de fietsinfrastructuur en het verder stimuleren van autodelen blijven de volgende jaren absoluut cruciaal."

 

"Het is op veel vlakken duidelijk dat het niveau van de stad te beperkt is om de nodige systeemverandering door te voeren, ook al doen wij veel moeite om initiatieven te nemen. Om een voorbeeld te geven: 52% van de totale emissie vanuit mobiliteit wordt veroorzaakt door het verkeer op de E19. Deze uitstoot wordt niet opgenomen in de rapportage i.f.v. de Convenant of Mayors, maar toont wel aan hoe groot de impact hiervan is. Toch zijn steden cruciale partners in een verdere aanpak van het klimaatprobleem. Daarom ben ik, samen met mijn collega-klimaatschepenen van de andere centrumsteden, vragende partij om als stad een volwaardige partner te worden in het klimaatbeleid van ons land", vult de schepen nog aan (zie https://www.demorgen.be/opinie/maak-steden-volwaardige-partners-in-klimaatbeleid-b36ebecc/).

 

Steven Van Praet van Futureproofed beaamt dit: " Een voorzichtige tevredenheid lijkt ons de gepaste conclusie bij de resultaten van de emissie-inventaris 2015. De uitdagingen blijven groot. Mechelen heeft de juiste focus om die uitdagingen zo veel als mogelijk te vertalen in voordelen voor de burgers. Echter, een stad kan dat niet alleen. Een sterker partnerschap met het klimaatbeleid in dit land zou de cruciale facilitator rol van de stad nog veel meer kunnen versterken. Daarnaast denken wij dat de klimaatuitdagingen nog verder kunnen geïntegreerd worden in de andere beleidsdomeinen. En dat geldt voor alle steden en gemeenten in Vlaanderen."

 

Het integrale verslag van de emissie-inventaris is beschikbaar via de website van Mechelen Klimaatneutraal.